Menu

zaterdag 17 december 2016

Secret Scouts en De Vermiste President – Kind & Kind


We hebben er een tijdje op moeten wachten - welgeteld ruim drie en een half jaar - maar eindelijk heeft het schrijversduo Dennis en Wendel Kind dan het tweede deel van hun avontuurlijke Secret Scouts-serie het licht laten zien: “Secret Scouts en De Vermiste President”. De Secret Scouts zijn een vriendenclub, bestaande uit twee buurjongens en twee buurmeisjes - Tom, Jack, Sophie en Lisa - die experimenteren met een tijdmachine waardoor ze allerlei bizarre avonturen beleven. Voor meer achtergrondinformatie verwijs ik naar mijn blog over het eerste deel: “Secret Scouts en De verloren Leonardo”; zie hier.

Bijkomen in een heteluchtballon

Het tweede boek over de Secret Scouts sluit aan op het eerste deel, maar is goed zelfstandig te lezen, omdat het vooraf wordt gegaan door een bespreking van hun eerdere belevenissen. Daarna volgt een korte inleiding over de historische feiten waarop het nieuwe verhaal is gebaseerd. Die liegen er niet om: het enige portret van een raadselachtige zwarte man uit de renaissance die in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt, het ufo-mysterie in Roswell, Martin Luther King met zijn beroemde ‘I have a dream’-speech, de uitvinding van de iPhone en de verboden eilanden voor de kust van San Francisco. Het boek is in een soort dagboekstijl geschreven. Elk hoofdstuk begint met een datum en dagdeelaanduiding – ochtend, (einde) middag, avond, nacht. Het verhaal start op met Lisa en Tom die langzaam bij hun positieven komen in een heteluchtballon die op het punt staat te crashen. Daarna wordt verteld hoe het zover heeft kunnen komen door de lezer negen maanden mee terug te nemen in de tijd.

Victory Boogie Woogie

De Secrets Scouts zitten in hun maag met een geheimzinnige floppydisk die ze alleen in de plaatselijke bibliotheek kunnen inzien. Daar staan nog ouderwetse computers. In het vorige boek werden ze weggestuurd door een barse beveiligingsmedewerker terwijl ze stiekem het begin van de diskette bekeken. Ze weten dat er een filmpje op staat van Leonardo Da Vinci in gezelschap van een man die een cijfercode opgeeft. Meer niet. De enige reden om op een legale manier van de bibliotheekcomputers gebruik te mogen maken is als mensen het dorpsarchief willen raadplegen. Bijvoorbeeld om informatie te vergaren over een oude foto. Dus besluiten ze zich met de tijdmachine te laten terugflitsen naar het jaar 1915 om aan een bijzonder kiekje te komen. Een van de voorvallen tijdens deze heftige gebeurtenis is een toevallige ontmoeting met de wereldberoemde kunstschilder Piet Mondriaan, die dan nog helemaal niet beroemd is. Het grappige is dat Lisa hem laat zien hoe haar mobieltje werkt. Ze zoomt in op een foto van een boom totdat er enkel nog grote gekleurde pixels in beeld staan. Mondriaan is door het dolle heen. Dat is de vereenvoudiging waar hij al zijn hele leven naar zoekt, jubelt hij: “… ‘Het is ons brein dat hier een boom van maakt, maar we bestaan allemaal uit stipjes en vlakjes en stukjes. Een puzzel. Wij, en alles om ons heen! Lijnen en kleuren, meer is het niet.’ Hij zuchtte een paar keer diep en leek ontroerd door dit nieuwe inzicht…”. Sophie kantelt zijn schetsboek. Later zal het allerbekendste schilderij van Mondriaan op een van de hoeken staan. Terwijl het gezelschap onder de klanken van boogiewoogie muziek in een dorpsherberg aan de stamppot zit adviseert Sophie de schilder zich niets van de mening van anderen aan te trekken en vooral zijn faalangst te overwinnen. Laat zijn beroemdste kunstwerk nu ooit ‘Victory Boogie Woogie’ gaan heten! Dus zo weten we dan ook weer waar Mondriaan zijn inspiratie vandaan haalde…

Gevaarlijk speelgoed
Hoe mooi de oude foto ook uit de verf komt, het mag niet baten. Wederom worden de Secret Scouts uit de bibliotheek gegooid. Uiteindelijk zien ze zich genoodzaakt s’ nachts in te breken. En zo komen ze er achter dat de mysterieuze man op het filmpje niemand minder is dan de jonge computerexpert Steve Jobs, die in 1976 Leonardo Da Vinci heeft ontmoet. Het prangende is dat het stel de verdwenen iPhone van Sophie in bezit heeft, en die wil ze terug! Wederom vangt er een tijdreis aan. Naar Jobs die in de jaren zeventig, geënthousiasmeerd door Sophie’s telefoontje, in een rommelige garage aan zijn Apple’s zit te knutselen. Helaas heeft hij de iPhone met nog een andere computer, die zijn tijd ver vooruit is, begraven op een onbewoond eiland. De wereld is nog niet toe aan zulk gevaarlijk speelgoed, zegt hij. Onverrichter zake keren de Secret Scouts weer terug naar huis. En dan wordt het verhaal nog veel gekker. Lisa krijgt verontrustende berichtjes op haar mobieltje met hints dat er iets mis is met president Obama. Als ze informatie over hem zoekt op internet kan ze niets vinden. Tijdens het avondeten laat ze zijn naam vallen. Haar ouders en een stinkend rijk Frans koppel, dat bij hen logeert, blijken geen idee te hebben waar ze het over heeft. Obama moet uit de geschiedenis zijn gewist! Het lijkt erop dat niet alleen de Secret Scouts met tijdreizen bezig zijn…

De duim van Satan
Na een hoop gedraai en gekonkel blijken de logees er meer van te weten. Hans, de mannelijke helft van het paar, biecht de Secret Scouts tijdens een uitje naar het Rijksmuseum op dat er iets mis is gegaan bij een tijdreistripje met zijn vrouw naar Indonesië, op de plek waar de 44ste toekomstige president van de Verenigde Staten net op bezoek was bij zijn moeder. Obama moet mee zijn geflits door de tijd, en vanwege een verkeerd ingesteld jaartal ergens in de middeleeuwen zijn beland. Heel het internet heeft hij ondertussen uitgevlooid om een middeleeuwse zwarte man te vinden. Het enige portret van een kleurling hangt in het Rijksmuseum, die de beroemdste lijfwacht van Keizer Karel de Vijfde moet zijn geweest. Ter plekke besluiten de Secret Scouts om onder de bezielende leiding van Hans te proberen Barack Obama terug te halen. En zo belandt het hele gezelschap in de middeleeuwen waar ze zowaar de kroning van Karel de Vijfde meemaken. Wat mij betreft gaat het mooiste fragment in hun middeleeuwse avonturen over de legenden rond de bouw van de Dom in Aken. Toen niemand meer geld had om de indrukwekkende kerk af te bouwen wilde Satan wel helpen. Daar stond tegenover dat de mensen moesten beloven dat hij de ziel zou krijgen van de eerste die de kerk betrad. De mensen waren natuurlijk niet gek. Ze vingen een wolf die ze als eerste naar binnen stuurden. Satan was zo boos dat hij de deur van de Dom zo hard hij kon dicht smeet. Daarbij verloor hij zijn duim. Die duim kun je nog steeds voelen in de rechter deurknop. Met zijn kwaaie kop begon Satan daarop de Dom te bekogelen met zware zandzakken, maar doordat hij zijn duim kwijt was kon hij niet goed mikken. Vandaar dat de omgeving van Aken nu zo heuvelachtig is.

Rete-spannend
Goed. Natuurlijk wordt Obama gevonden. Als hij van alle hoe’s en waarom’s op de hoogte is gesteld wil hij van de tijdmachine gebruik maken om naar de beroemde ‘Mars van Washington’ (1963) te reizen, omdat het aan mensen als Martin Luther King - die daar zijn fameuze ‘I have a dream’ toespraak houdt - te danken is dat hij als zwarte president kan worden. De Secret Scouts ontmoeten er onder andere de beroemde zangeres Mahalia Jackson en leren van alles over de zwarte voorvechtster Rosa Parks en het busincident. Als ze eindelijk weer veilig terug zijn in hun eigen tijd spreken de Secret Scouts met elkaar af voorlopig van het tijdreizen af te zien. Het brengt zoveel gevaar met zich mee dat het vandaag of morgen wel een keer fout móet gaan. Maar als Lisa en Tom een schoolreis door Amerika maken en ze vlakbij de Farallon eilanden zijn waar Steve Jobs de iPhone van Sophie heeft verstopt, komt er nog een toegift. De eilanden worden in de volksmond ook wel ‘De Duivelstanden’ genoemd omdat ze omringd zijn door gigantische aantallen haaien. Bovendien dumpte men bijna vijftigduizend vaten radioactief afval in de oceaan eromheen. En ze hebben ook nog de dichtste knaagdierpopulatie ter wereld, met name muizen. Hoezo eng? Lisa en Tom stelen midden in de nacht een luchtballon, en zo draait het verhaal weer terug naar het begin. Ze gebruiken de tijdmachine toch nog een keertje en crashen met luchtballon en al bij het plaatsje Roswell, waar in 1947 een ufo zou zijn geland. Ze worden aangezien voor aliëns vanwege de metaalkleurige flarden van de ballonstof die om hen heen waait. Eindelijk thuis komt niet alleen het telefoontje van Sophie tevoorschijn maar ook een apparaatje uit de toekomst dat Steve Jobs de 2217 noemde en er bij verstopt heeft. Het zendt een geheimzinnig licht en een vreemd gezoem uit. Moeten ze ‘opnemen’? “… Sophie keek de anderen een voor een aan, ademde een paar keer diep in en uit en pakte met trillende handen de 2217 op. ‘Hallo?’…”. Hoe gemeen; dan is het boek uit! Wat is de afloop? Wanneer komt het vervolg?
Rete-spannend…

Uitgave: Aerial Media Company B.V. – 2016, 352 blz., ISBN 978 940 260 145 9, € 18,95
Rechtstreeks bestellen: klik hier

Geen opmerkingen :

Een reactie plaatsen