Menu

maandag 10 november 2025

Wewelsburg – Evertjan van Roekel

 


Subtitel: De occulte kant van Himmlers SS

 

Het is bizar op hoeveel manieren de tweede wereldoorlog overal terugkomt: zie mijn vorige blog. Het middeleeuwse kasteel ‘Wewelsburg’, in het hart van Duitsland, werd door SS-baas Heinrich Himmler aangewezen als semireligieus oord in het middelpunt van de wereld, waar de Germaanse elementen van het nazisme zouden worden gecultiveerd. Op basis van meedogenloze dwangarbeid moest het bolwerk worden uitgebouwd tot een gigantisch SS-Vaticaan. Hoewel er van de plannen uiteindelijk weinig terechtkwam, is het kasteel in de naoorlogse populaire media – van films tot de bekende ‘Wolfenstein’-games – vaak gelinkt aan occulte wetenschap en bovennatuurlijke verschijnselen, die onlosmakelijk met het Derde Rijk verbonden zijn. Historicus en jurist Evertjan van Roekel (1984) belicht de achtergronden, geheimen en eigenaardigheden van Wewelsburg en verdiepte zich in de mystieke kanten van Himmlers SS. Ook verkent hij de grens tussen feit en fictie in het naoorlogse beeld van de burcht. Een cultuurgeschiedenis.

 

Nazificatie

Wolfenstein 3D’, dat bekend staat als een van de eerste ‘first-person shooter’-schietspellen, is een bekende videogame uit begin jaren negentig, waarin een geallieerde krijgsgevangen spion moet ontsnappen uit het duistere nazikasteel ‘Wolfenstein’, dat gebaseerd is op de middeleeuwse Wewelsburg in Büren, Westfalen, bij Paderborn. Wewelsburg staat symbool voor de esoterische kant van het nationaalsocialisme. Tien jaar later verscheen een verbeterde versie, ‘Return to Castle Wolfenstein’, met sadistische wetenschappers en gemuteerde soldaten. Meer spin-offs volgden. Naoorlogse fictie, zowel in films en boeken als videogames, zijn op een meestal vrij platte en smeuïge manier bevolkt met gestoorde naziwetenschappers en hun bovennatuurlijke aspiraties. Zie de Indiana Jones-films met de stereotypering van nazionderzoekers op expeditie. In feite stelden al ten tijde van het Derde Rijk enkele auteurs dat Hitler en de nazi’s zwarte magiërs waren die gebruik maakten van bovennatuurlijke krachten. In 1934 publiceerde de Franse auteur René Kopp een artikel waarin hij beweerde dat Napoleon, Mussolini en Hitler heersers waren die door hogere machten naar de aarde waren gestuurd. In zijn boek “Le tyran nazi et les forces occultes” uit 1939 schreef een andere Franse schrijver, Edouard Saby, eveneens dat Hitler een medium en magiër was. De invloedrijkste publicatie, “Hitler Speaks” (1939), kwam van Hermann Rauschning, een Duits conservatief politicus die meer kritische boeken over het naziregime schreef en in 1942 Amerikaans staatsburger werd. Hitler zou volgens hem bezeten zijn door kwaadaardige machten. De combinatie van sensatie en politieke actualiteit maakte van het boek direct een bestseller. Inmiddels is vast komen te staan dat Rauschning alles uit zijn duim zoog. Het ‘occulte’ beeld van Hitler was echter gevestigd en inspireerde menige auteur die later op dit thema zou voortborduren. Zie bijvoorbeeld Lewis Spence in “Occult Cause of the Present War” (1940): Hitler móet wel een pact met de duivel hebben gesloten - hoe valt zijn verbijsterende succes anders te verklaren?!

 

Cryptohistorie

Zo ontstond wat Van Roekel ‘cryptohistorie’ noemt, een speculatief en sensationeel genre dat sterk gelieerd is aan samenzweringstheorieën: werken die veelal gekenmerkt worden door onnauwkeurigheden, vergezochte aannames en het compleet negeren van primaire bronnen. Een stortvloed aan pseudowetenschappelijke boeken, documentaires en films kwam op gang. Als standaardwerk over de Wevelsburg gold “Himmler: The Evil Genius of the Third Reich” van de Oostenrijkse journalist Willi Frischauer. Internationale bestsellers werden “The Morning of the Magicians” van Louis Pauwels en Jacques Bergier uit 1960 , waarin de SS beschreven wordt als een religieuze orde van ‘monniken’ die bezig was met onverklaarbare magie en futuristische technologie, en “The Spear of Destiny” van Trevor Ravenscroft uit 1973, die er de jacht op de Heilige Lans aan toevoegde, een object met ongekende ‘occulte krachten’. Steven Spielberg vestigde dit concept stevig in de populaire cultuur met 'Raiders of the Lost Ark' uit 1981 en 'Indiana Jones and the Last Crusade' uit 1989, waarin naziwetenschappers jagen op respectievelijk de Ark van het Verbond en de Heilige Graal, teneinde bovennatuurlijke krachten te verwerven waar ze de wereld mee kunnen overheersen. Van daaruit werd de stap naar videogames gemaakt met de gebruikelijke nazistereotypes: de gestoorde arts-wetenschapper (naar het voorbeeld van de beruchte Josef Mengele), de dikke, luie, incompetente generaal (met Herman Göring als origineel) en de griezelige vrouwelijke kampbewaker (gebaseerd op onder andere Irma Grese, de heldin van Sigrun: zie mijn vorige blog). Historie en mythe raken verstrengeld in dit soort entertainment. Amusement is het expliciete doel. Recente voorbeelden met het occulte nazi-imago zijn ‘Hellboy’ (2004), ‘Captain America’ (2011) en ‘Iron Sky’ (2012). ‘Red Notice’ (2021), op het moment van schrijven de duurste Netflix productie ooit, gaat over de zoektocht naar één van de drie fictieve gouden eieren die een geschenk zouden zijn geweest van Marcus Antonius aan Cleopatra. Het artefact ligt verborgen in een gigantische opslag van naziroofkunst in de jungle van Zuid-Amerika. Ook in serieus bedoelde documentaires raken feit en fictie vaak verweven. Zie de door Discovery Channel geproduceerde tv-documentaire: ‘Nazis:The Occult Conspiracy’ uit 1998, waarin befaamde historici als George Mosse geïnterviewd worden, maar de inhoud toch zeer discutabel blijft. Zie bijvoorbeeld ook de eerste thriller van de Nederlandse auteur Alex van Galen: “De Opvolger” (2007), wederom een verhaal dat draait om de Heilige Lans in de geest van “De Da Vinci Code”, wat een link legt naar de Heilige Graal en het Heilige Bloed. De grande finale speelt zich af in de crypte van de Wewelsburg. Deze plek speelt eveneens een rol in “Black Order” (2006) van James Rollon. In het verhaal komt een evolutiemachine voor, in een verborgen kasteel in de Himalaya, die Übermenschen creëert.

 

Völkisch

Op eerste kerstdag 1907 werd voor het eerst een vlag met de swastika gehesen. Boven kasteel Werfenstein in Opper-Oostenrijk, door een vanwege celibaat-perikelen uit zijn ambt gezette monnik: Jörg Lanz von Liebenfels. De swastika zou krachten oproepen voor het smeden van een Arisch imperium. Dat Arische ras zou óf de hele wereld overwinnen óf creperen: het was alles of niets. Nu waren in  zijn tijd zulk soort gekke rituelen schering en inslag, dus waarschijnlijk heeft hij niet beseft wat hij ontketende. Het nazigeloof  vond zijn oorsprong in een opkomende interesse in het Duitse erfgoed en aloude Noordse en Germaanse tradities. In tegenstelling tot andere Europese landen vormde Duitsland (Germania) pas in de negentiende eeuw vanwege de Duitse eenwording een natiestaat. Hierdoor ontstond een nationalistische ideologie met een obsessieve fascinatie voor een romantisch oerverleden vol ruige, vrije, rechtschapen, eenvoudige, krijgshaftige Germanen in duistere wouden en hun onvoorwaardelijke trouw aan plaatselijke stamhoofden. Zie de beroemde nederlaag die Arminius (Hermann de Germaan) de Romeinen toebracht tijdens de Slag bij het Teutoburgerwoud, waar 20.000 legionairs over de kling werden gejaagd. In werkelijkheid zwierven er in het verleden allerlei sterk verschillende groepen door Duits gebied, waardoor de opvatting over ‘zuiver bloed’ een farce is. De minister van Volksvoorlichting en Propaganda onder het naziregime, Joseph Goebbels, probeerde het heidense verleden tot leven te wekken door gigantische ‘Thing-theaters’ te bouwen: openluchtarena’s met heroïsche eiken en rotsachtige bodems waar je aloude Noordse schouwspelen kon bijwonen. Niemand liep er warm voor. Vandaag de dag zijn er nog een aantal terug te vinden; vervallen, vergeten of in gebruik voor rockconcerten. Het Duitse nationalisme ontwaakte als oppositie tegen de binnenvallende Franse revolutionairen. Daarom was het ook sterk antimodern en anti-Verlichting. Het volkse karakter kwam tot ontwikkeling in cultuurgemeenschappen. Men vereerde helden en legenden, en wees globalistische invloeden en verstedelijking af (zie mijn vorige blog). Vanaf het begin waren er twee duidelijke vijanden: de vrijmetselaars en de Joden – belichamingen van de Franse Verlichting en het kosmopolitisch kapitalisme. Het völkische was tevens een sterke reactie op het moderniseringsproces in de jaren 1870 en 1880, dat werd gezien als een bedreiging voor de lutherse geloofstraditie.

 

Oerrunen

Allerlei wetenschappers stimuleerden de nationale propaganda met nieuwe onderzoeksvelden op het gebied van genetica en erfelijke eigenschappen: voer voor racisten. Ideeën die na Duitslands nederlaag in de Eerste Wereldoorlog weer werden opgepakt door de opkomende nazipartij. Opvattingen over zuiver bloed en een heerservolk werden gelinkt aan de Vikingen. De Noordse volken vertegenwoordigen de omschrijving van de ‘Ariërs’ het meest: blond haar, blauwe ogen, smalle gezichten en een relatief lange lichaamslengte. Eén leidende nazi geloofde oprecht in Noordse religieuze aspecten: Heinrich Himmler. Hij integreerde allerlei rituelen en symbolen (waaronder de Noordse runen) in zijn SS-organisatie. Himmler raakte begeesterd door de visie van Lanz, de voornoemde monnik, inzake het ‘Arisch christendom’. Volgens de laatste waren de biologisch superieure Ariërs ‘godmensen’ met telepathische en andere geheimzinnige krachten. De inferieure rassen zouden het resultaat van geslachtsgemeenschap met beesten zijn. Het was zaak het ware Arische ras ‘terug te fokken’. Het oorspronkelijke Arische meesterras kwam van het mythische eilandenrijk Atlantis, dat als straf van Zeus naar de zeebodem zonk, aldus de populaire Oostenrijkse dichter en schrijver Guido van List. Het meest verheven subras dat uit de Atlantiërs ontstond was, je raadt het nooit, het Teutoonse. List zette de ‘Hoher Armanen-Orde’ op poten, die zich richtte op het propaganderen van ideeën over de aloude elite der ‘Armanen’. List zat eveneens achter de opleving van de ‘Armanen-runen’: achttien Germaanse oerrunen. De runen waren niet alleen letters, maar hadden ook een diepere betekenis. Zo staat de Gibor-rune voor ‘geschenk’, maar lijkt tevens en vooral een replica van de ‘wolfsangel’, een symbool dat te maken heeft met ‘de band met het land’ en al eeuwenlang wordt geassocieerd met geweld. In de middeleeuwen was het een talisman om weerwolven af te schrikken. Het komt in de wapenschilden van diverse dorpen en steden voor en duikt op tijdens verschillende vijftiende-eeuwse boerenopstanden alsmede de Dertigjarige Oorlog in de zeventiende eeuw. Het was als insigne zichtbaar op de kraagspiegels van onder andere de Nederlandse Landstorm. De bekendste rune is de sig-rune, de ‘bliksemschicht’ van de SS, afkorting voor ‘Schutzstaffel’. Oorspronkelijk stond deze voor de zon. List veranderde de betekenis in ‘Sieg’: overwinning.

 

Swastika

De swastika maakt geen deel uit van de runen. Het woord ‘swastika’ komt uit het Sanskriet en betekent zoveel als ‘wees gezond’ of ‘wees gelukkig’. Het symbool duikt vanaf de bronstijd niet alleen in Europa, maar ook in Noord-Afrika en delen van Azië op. In China stond de swastika van oudsher voor ‘geluk’. Het was een religieus symbool binnen het hindoeïsme en boeddhisme en sierde de blazoenen aan het hof van Karel de Grote. In de Noordse mythologie staat de swastika voor de (pool)zon, dan wel het ‘zonnewiel’, die wordt vereerd als schepper van leven en voorspoed. Het Arische ras was dan ook de erfgenaam van vroegere Indo-Europese volken.

 

Het Thule-Gesellschaft

In 1918 richtte Rudolf von Sebottendorff het Thule-Gesellschaft op, de opvolger van verschillende Germanenorden, met het doel de Duitse geschiedenis c.q. de Noordese mythologie te onderzoeken en de Duitse kunst te bevorderen. De term Thule is ontleend aan ‘Ultima Thule’, het uiterste Noorden, de noordpoolcirkel waar ‘hyperboreaanse’, mythische volkeren woonden. Een plek die werd geassocieerd met het verloren continent Atlantis. De Griekse ontdekkingsreiziger Pytheas van Massalia had er in 330 v. Chr. de ‘Hyperboreeërs’ ontdekt. Niemand in zijn thuisland geloofde zijn verhalen over uitgestrekte zuiver witte landschappen, bevroren zeeën en vreemde schepsels waaronder grote witte beren. Zo werd Thule een fabelachtig land met een betoverende lading. Het Thule-Gesellschaft verzette zich tegen de socialistische opstanden na de Eerste Wereldoorlog. Sebattendorff probeerde in 1933 het Thule-Gesellschaft, dat nadat de communisten waren verslagen uiteen was gevallen, nieuw leven in te blazen. Hij viel echter in ongenade bij de naziautoriteiten, vertrok naar Turkije waar hij voor de Duitse inlichtingendienst van Istanbul ging werken en is waarschijnlijk ook een dubbelspion voor de Engelsen geweest. Op 8 mei 1945, de dag van de Duitse capitulatie, sprong hij in de Bosporus: zelfmoord. Het Thule-Gesellschaft focuste zich vooral op een racistische ideologie. Plaatsvervangend Führer Rudolf Hess, en gouverneur-generaal van bezet Polen Hans Frank, waren korte tijd lid. Dietrich Eckart en Alfred Rosenberg hadden de status van, overigens graag geziene, ‘gast’.  Hitler omschreef de groep evenwel als ‘völkisch dwalende geleerden’ en werd nooit lid. Himmler ook niet. Hitler verbond zich wel aan de Deutsche Arbeiderspartij (DAP), die door Thule-leden werd opgericht om een politieke brug te slaan naar de arbeidersklasse. Eckart zag Hitler als ‘de rijzende ster van Duitsland over wie de wereld ooit zal spreken’. Ze bouwden een innige vriendschap op. Hitler zag hem als een soort vaderfiguur. Tot aan zijn dood door een hartaanval (waarschijnlijk vanwege een morfineverslaving) in 1923 bleef Eckart een mentor voor de eenentwintig jaar jongere Hitler. Hij trainde Hitler in podiumpresentatie, dictie en welsprekendheid. Men fluisterde dat Eckart Hitler ook instrueerde in de donkere kunst van mesmerisme en ‘channeling’. Eckart zou Hitlers greep naar de macht niet meer meemaken.

 

Partij of sekte?

De popcultuur schetst het beeld dat de nazi’s niet gezien moeten worden als een politieke partij, maar als een sekte. Zie de onaantastbare spiritueel leider, de kledingcodes van volgelingen, eedafleggingen, geheime rituelen en de machtige totem: het hakenkruis, dat het christelijke kruis en de davidster moest vervangen. Volgens Van Roekel waren het vooral Hitlers volgelingen die zich onderdompelden in occultisme. Rudolf Hess en Joseph Goebbels geloofden sterk in astrologie. Filosoof Alfred Rosenberg baseerde zijn nazireligie op Noordse mythen. Heinrich Himmler was wellicht de grootste aanhanger van de ‘ariosofie’. Hitler groeide op in Braunau am Inn, een streek die vergeven was van mediums, zieners en andere mystici. Hij was dus wel wat gewend. Volgens Hitler ging zijn strijd echter hoofdzakelijk om Arisch ‘Gemeinnutz’ (algemeen welzijn) versus Joodse ‘Eigennutz’ (eigenbelang en materialisme). Hitler vond dat christenen de wederopstanding van Duitsland tegenwerkten omdat ze geloofden in Jezus, die ook een Jood was. Daarom moest religie zich niet mengen met politiek. Hij had dan ook weinig geduld met Himmlers extreme obsessies, die hij herhaaldelijk afkeurde. Hij maakte de ideeën over Atlantis belachelijk en toonde een zekere minachting voor het Noordse heidendom. Hij wantrouwde geheime genootschappen. De Holocaust was geen macaber ritueel, volgens Van Roekel, maar een door politieke  ideologie gedreven massamoord gebaseerd op het trauma van de Eerste Wereldoorlog en de theorieën van Haeckel, Nietzsche en Schopenhauer. Hitler was een pragmatische en opportunistische straatvechter die alles kon gebruiken wat in zijn kraam te pas kwam: ook occulte ideeën. Hij gebruikte zo nodig helderzienden en grenswetenschappelijke doctrines om het volk, dat er in geloofde, te paaien. Na 1937 begon het naziregime het occultisme echter actief te onderdrukken – vooral omdat ze controle over de publieke opinie wilde houden. Alle vrijmetselaarsloges (want gecorrumpeerd door de Joden), theosofische kringen en daaraan gerelateerde groepen en publicaties werden verboden. Een en ander zou vooral het gevolg zijn van de vreemde vlucht naar Engeland van Rudolf Hess (1941). De esoterische charlatans om hem heen zouden hem gek hebben gemaakt. In werkelijkheid was het allemaal erg dubbel. Toen de geallieerden Nostradamus-voorspellingen over de ineenstorting van Duitsland begonnen te verspreiden, zorgde minister van propaganda Goebbels er voor dat er een boekje verscheen waarin werd beweerd dat de eindoverwinning van de nazi’s juist in de sterren geschreven stond. Ook zette men tijdens de bekende operatie ‘Unternehmen Eiche’ helderzienden in om de afgezette fascistische dictator Benito Mussolini te redden uit zijn gevangenschap (met succes trouwens). De biodynamische landbouw en zogeheten ‘Welteislehre’ werden eveneens van alle kanten gesteund.

 

Welteislehre

De ‘Welteislehre’ is ontwikkeld door de Oostenrijkse pseudowetenschapper Hanns Hörbiger, volgens wie de kosmos moet worden gezien vanuit een eeuwige strijd tussen vuur en ijs. Het heelal en de aarde zouden zijn ontstaan uit reusachtige zwevende ijsblokken. Eens in de zoveel tijd botst de maan op de aarde, waardoor zo’n beetje alles wat leeft, uitsterft en steeds een nieuwe ijstijd optreedt. Zie de legende van Atlantis. Sommige superwezens wisten tijdens de ondergang van Atlantis te ontsnappen naar Tibet. Zij zijn de voorouders van alle Indische en Europese volken. “Der Mythus des 20. Jahrhunderts” van Alfred Rosenberg vormde de definitieve legitimatie van de rassentheorie van de nazi’s. Het ging allemaal om het kweken van een puur Noords ras. Voor de nazi’s vormde de ‘Welteislehre’ een uitstekend ‘tegengif’ voor de ‘Joodse fysica’ van relativiteit tot kwantummechanica.

 

Ahnenerbe

De ‘Welteislehre’ werd de basis onder de zogeheten ‘Ahnenerbe’: het door Heinrich Himmler opgerichte nationaalsocialistische onderzoeksinstituut dat tot doel had ‘wetenschappelijk’ bewijs te vinden voor de superioriteit van het ‘Arische ras’. Van Roekel noemt de namen van pronazi-intellectuelen en –functionarissen als SS-Obersturmführer Hans Robert Scultetus, SS-onderzoeker Edmund Kiss, de vader van de Blut und Boden-ideologie Walther Darré, onderzoeker Herman Wirth, SS-kolonel Wolfram Sievers en de indogermanist Walther Wüst die de bekende Duitse verzetsmensen Hans en Sophie Scholl van de geweldloze studentengroep ‘Witte Roos’ arresteerde. Er ontstonden allerlei onderzoeksrichtingen zoals de afdeling ‘Ausgrabungen’, waar archeoloog Herbert Jankuhn de scepter zwaaide. Hij stimuleerde overal het plunderen van musea. Er was een afdeling meteorologie die het weer probeerde te beïnvloeden. De afdeling indogermaanse-Duitse muziek bestudeerde volksliedjes, traditionele gezangen en plaatselijke danscultuur. De afdeling ‘Runen, letters en symbolen’ onderzocht de schriftcultuur. Er was een aparte afdeling speleologie die legenden over ondergrondse tunnels en rijken onderzocht. De afdeling ‘grafonderzoek’ onderzocht allerlei grafheuvels. De afdeling ‘occulte wetenschappen’ bestudeerde vooral de alchemie, de thaumaturgie en de goetia. Verder werd er onderzoek gedaan naar entomologie, sprookjes, heraldiek, astronomie, yoga, paarden fokken, dierenverhalen/fabels, volkse geneeskunst, Keltische etnografie, Noord-Afrikaanse cultuur en middeleeuws Latijn.

 

Exotische expedities

De nazi’s organiseerden exotische expedities naar de verste uithoeken van de wereld. Naast de zoektocht naar het verloren gewaande Atlantis zocht men ook naar legendarische voorwerpen als de Heilige Graal. De Finse folklorist Yrjö von Grönhagen trok naar Fins Karelië om ‘magische’ liederen en rituelen te verzamelen. Obersturmführer Otto Schulz-Kampfhenkel zag wel kansen voor een nieuw nazi-Reich in Brazilië, waar hij naar dinosaurussen en de verloren stad El Dorado zocht, zoölogische en botanische monsters verzamelde en de sjamanen van het lokale Aparaivolk filmde. Wirth en Sievers gingen op pad naar de regio Bohuslän in Zweden om de betekenis van bepaalde Noordse runen te achterhalen. Edmund Kiss reisde naar Bolivia, Abessinië (het huidige Ethiopië) en Libië om de mythische stad ‘Zerzura’ te zoeken. Verschillende onderzoekers gingen naar IJsland, wat als een mogelijk thuis van zuivere Arische cultuur werd gezien. Schatzoeker Hans Schleif visiteerde de oud-Griekse steden Delphi, Troje en Pergamon. Er werden Romeinse overblijfselen in Roemenië onderzocht. Oriëntalist Inge Kircheisen reisde naar Afghanistan. De Nederlandse geoloog Assien Bohmers onderzocht grotten in Beieren en rotstekeningen in Frankrijk. Op zoek naar eventuele ruïnes van Atlantis werden er expedities ondernomen naar de Canarische eilanden en Madagaskar. Ernst Schäfer vertrok naar Tibet om de sporen van een oeroude Arische superbeschaving te vinden.

 

Experimenten met mensen

Het Ahnenerbe speelde ook een rol in de raciale screening van rekruten voor de Waffen-SS om daadwerkelijk een ‘groot-Germaans’ leger te vormen. Toen de oorlog in 1939 begon, ging het onderzoek van het Abenerbe zich op experimenten met mensen richten. Schedels van vergaste personen moesten aantonen dat raciale, geestelijke en lichamelijke verschillen samenhingen met de menselijke schedelbouw. Concentratiekampgevangenen dienden om nieuwe gifgassen op uit te testen. Professor August Hirt droomde van een museum met een horrorexpositie van Joodse skeletten, omdat hij er van overtuigd was dat het niet lang meer zou duren voordat het Joodse ras definitief was uitgeroeid. Veel vertegenwoordigers van het Ahnenerbe wisten aan het eind van de oorlog te ontsnappen via de ‘rattenlijnen’ richting Zuid-Amerika of deals te sluiten met de geallieerden. Wetenschappers die niet duidelijk waren te linken aan de gruwel van de concentratiekampen traden na de oorlog gewoon weer tot de academische gelederen toe, ondanks het feit dat de SS tijdens de Neurenberger processen werd veroordeeld als criminele organisatie. Veel informatie over het Ahnenerbe kwam in handen van de geallieerden en is nog steeds en misschien wel voor altijd in duister gehuld.

 

De Heilige Graal

Heinrich Himmler kreeg de functie van Reichsführer-SS. Hij had twee doelen voor ogen: het vormen van een raciale elite, een meesterras, liefst met een ‘Noordse spirituele houding’, en de uiteindelijk totale vernietiging van ‘raciaal inferieure wezens’. De SS was oorspronkelijk ontstaan als lijfwacht van Hitler. Ze zou de toekomstige aristocratie van Duitsland moeten vormen. De Heilige Graal van het nazisme lag dan ook in het zuivere bloed van deze Arische supermensen. Himmler geloofde in de Heilige Graal die volgens hem sacraal Arisch bloed zou hebben bevat met enorme magische kwaliteiten, wat nogal merkwaardig is, aangezien conform de legende het bloed in de Heilige Graal afkomstig was van Christus, een Jood. De protestantse theoloog Walter Grundmann stelde echter dat Jezus helemaal geen Jood was, maar een Ariër. Himmler was ook hevig onder de indruk van het werk van de schrijver Otto Rahn, die beweerde dat de Heilige Graal bewaakt werd door de katharen in Zuid-Frankrijk. Het object zou een tijd verborgen zijn in Château de Montségur, het zenuwcentrum van het katharisme. Tijdens een beleg door kruisvaarders wisten drie katharen ermee te ontsnappen. Rahn omschreef het artefact echter als ‘een steen die uit de hemel is komen vallen’. Himmler bleef er in het geheim tot het eind toe in oude tunnels en grotten naar zoeken.

 

De speer van Longius

Hitler was vooral geobsedeerd door de Heilige Lans waarmee de Romeinse soldaat Longius de zijde van Jezus had doorboord om te controleren of Hij daadwerkelijk overleden was. De  speer dook overal in Europa op, minder als een christelijke relikwie dan wel een cultisch machtsinstrument. Via Karel de Grote en de keizers van het Heilige Roomse Rijk kwam de Heilige Lans in een museum in Wenen terecht (zie Trevor Ravenscroft in “The Spear Of Destiny”). Hitler schraapte in zijn jonge jaren het geld bij elkaar om naar de opera “Lohingrin” van Richard Wagner te gaan. De speer die de Graalkoning Amfortus verwondde en Lohingrin heroverde om de koning te genezen en het land te herstellen, linkte hij aan de lans van Longius. Ernst Kaltenbrunner haalde de speer naar Neurenberg om hem in de Katharinenkirche te plaatsen. Het godshuis werd in 1942 door de Engelse luchtmacht gebombardeerd. Expres? Churchill gaf er nooit openheid over. Hitlers ‘heilige talisman’ werd in 1945 door de Amerikaanse luitenant Walter Horn gevonden en meegenomen. In 1946 werd de lans door de Amerikaanse overheid weer geretourneerd naar Wenen, maar hardnekkige geruchten doen de ronde dat het om een replica gaat. De ‘echte’ Heilige Lans zou in de fundering van het Pentagon zijn verwerkt. Jawel. In Wewelsburg kwam ook een kopie terecht. Of toch de originele?

 

Bloedhond

Kasteel Wewelsburg moest, op advies van Himmlers zonderlinge ‘RaspoetinKarl Wiligut, zijn occulte centrum voor de orde van de Heilige Graal, de SS en zijn eliteridders, worden. Van hieruit zou de magische kracht van het naziregime stralen. Van Roekel beschrijft uitgebreid de complexe geschiedenis van Wewelsburg, het enige driehoekige kasteel in Duitsland. De streek staat bekend om de vele legenden. De wortels van de Yggdrasil, de Wereldboom uit de Noorse mythologie, zouden hier liggen (de naam betekent letterlijk ‘paard van Yggr’ oftewel ‘paard van Odin’ wat verwijst naar de felle levenskracht die hem draagt en overal heen voert). Er staan prehistorische monolieten die lijken op die van Stonehenge: de ‘Externsteine’. Hier vond ook de beroemde slag bij het Teutoburger Wald in het jaar 9 plaats, waardoor het de Romeinen onmogelijk werd gemaakt de Rijn over te steken, en leidde Widukind in het jaar 785 het Saksische verzet tegen de Franken. Volgens Himmler was het kasteel ‘geladen met occulte energie’. In de burcht was een heksenkamer waar ter dood veroordeelde vrouwen werden opgesloten door de katholieken, omdat ze heidenen waren. Er zat ook een ‘bezeten’ man die ervan werd beschuldigd een weerwolf te zijn. Dat sprak de romantische Himmler hevig aan. Hij hoorde over een IJslandse sage waarin een oude stam zich eens per jaar in wolven kon veranderen. Zocht naar het bloed van die stam. Misschien konden er ‘wolfsmensen’ worden geproduceerd. Himmler kwam er in 1939 achter dat hij zelf ook een heks in de familie had. Margaretha Himbler. In 1629 verbrand in ‘Morgentheim’, waarschijnlijk het huidige Bad Mergentheim. Himmler liet onder andere onderzoek doen naar alternatieve energie door zelfverklaard uitvinder Karl Schappeller. Hij gaf Karl Wolff de leiding over een klein bataljon ‘Hexensoldaten’ dat zich vooral bezig hield met wichelroedelopen om mijnen te ontdekken en het voorspellen van weersomstandigheden. Hij beloonde zijn SS-discipelen met een elitaire doodshoofdring die bij het verlaten van het leven weer terug gegeven moest worden. Amerikaanse soldaten hebben er veel als souvenir meegenomen naar de Verenigde Staten. Een ooggetuige noemt in het boek “De Rattenlijn” van Philippe Sands Himmler ronduit een griezel, die de ‘bloedhond’ werd genoemd – de wreedheid in eigen persoon. Hij was een ‘Automat’: iemand die onbarmhartig uitvoerde wat hem werd opgedragen. Hij hield zich voor de reïncarnatie van Hendrik de Vogelaar die in 919 tot koning werd gekozen en de grondslagen legde voor de eenheid van het Duitse Rijk.

 

Neuadel

Himmler zag Wewelsburg als een pseudoreligieus SS-instituut in lijn van de Teutoonse ridderorde die ook kastelen gebruikten voor scholing in krijgskunst en religie. Hij wilde er tevens een zoveel mogelijk geheim gehouden, comfortabele plek van maken, waar hogere SS-officieren - de ‘Neuadel’ - zich, buiten de ogen van de pers, konden terugtrekken en bijtanken. Nieuwe rekruten moesten worden opgeleid tot ‘geloofsridders’. Het was de bedoeling dat de Wewelsburg het middelpunt zou worden van een gigantisch complex, een nieuwe Heilige Stad, met een diameter rondom van 1,29 kilometer. Himmler gaf de kunstenaar Hans Lohbeck de opdracht een soort altaarstuk in drie panelen te schilderen met als thema kasteel Wewelsburg, dat bij diverse studies bleef (zie de omslag van dit boek). Een en ander moest duidelijk het utopische beeld van de nazi-ideeën weergeven: een brute veroveringsoorlog waarna de nieuw veroverde ‘Lebensraum’ in het oosten op raciale gronden zou worden gekoloniseerd, leidend tot een boerensamenleving met de door de nazi’s verheerlijkte Arische familie als basis. Gek genoeg reisde Himmler niet vaak naar Wewelsburg. Daar was hij veel te druk voor.

 

Concentratiekamp Niederhagen

In de buurt werd concentratiekamp Niederhagen uit de grond gestampt van waaruit dwangarbeid moest worden geleverd voor de bouwprojecten. Sadistische criminelen kregen het commando. De meeste gevangenen stierven na enige weken of maanden. Ze werkten zich dood. Ze verhongerden. Ze werden doodgeslagen, opgehangen of neergeschoten. De jongste gevangene die werd vermoord was de veertienjarige Joodse jongen Günther Ransenberg die een sneeuwbal naar een passerend ‘Arisch’ meisje had gegooid: ‘rassenschande’! Je snapt niet dat Himmler, die geloofde in geesten, niet bang was dat de kampdoden verhaal kwamen halen. De hel was compleet daar. Toen het tij begon te keren moest alle dwangarbeid worden ingezet voor de ‘Endsieg’ en werd het kamp verlaten. Slechts een klein groepje van 42 gevangenen dat het beoogde ‘SS-Walhalla’ nooit had mogen betreden, werd door de Amerikaanse troepen uit kasteel Wewelsburg bevrijd. De bekendste Nederlandse kampgevangene was Gerrit Visser.  

 

Zwarte zon

Het heilige der heiligen van het kasteel was de ridderzaal met zijn ronde tafel naar de Koning Arthur-legenden. In het midden van de marmeren vloer, boven de swastika in de crypte, was het vloermozaïek ingelegd met een patroon van het zonnewiel, of de zwarte zon (zie mijn vorige blog). Als tegenovergesteld symbool van de christelijke God, die wordt geassocieerd met licht waarin geen spoor van duisternis is (zie 1 Johannes 1:15), komt de zwarte zon ronduit satanisch over. Het stelt de sinistere zon voor waaronder het Arische ras herboren zou worden. Een logische keuze als esoterisch teken voor Himmlers Zwarte Orde. Himmler wilde een Graalkapel inwijden voor eedsafleggingsceremonies. Er was een banketzaal en een ijskoude, donkere, vochtige SS-grafkelder voor de urnen van overleden SS-generaals. Er moesten midzomervieringen worden georganiseerd ter vervanging van de christelijke feestdagen, om zo de christelijke doctrine en traditie te onderdrukken, te vervangen en te laten sterven. Himmler hield trouwceremonies voor SS-mannen en hun bruiden, ter vervanging van het kerkelijk huwelijk dat verboden was voor SS-leden. De jonggehuwden werden formeel opgenomen in de ‘SS-Sippengemeinschaft’. Uiteindelijk gebeurde er weinig ‘occults’ in de burcht. Alles bleef in de planfase steken. Het kasteel werd in de fik gestoken door terugtrekkende soldaten en leeggeroofd door dorpsbewoners, voordat de geallieerden er arriveerden: “… In ieder geval zouden troepen van de SS-pantserbrigade Westfalen getuige zijn geweest van een bonte stoet burgers die beladen met geplunderde spullen in processie uit het kasteel zouden zijn getrokken. Ze zouden naar verluidt onder meer 40.000 flessen wijn hebben buitgemaakt, wat ertoe zou hebben geleid dat het hele dorp een week lang dronken zou zijn geweest…”.

 

Apocalyptische strijders

Van Roekel heeft Wewelsburg verschillende keren bezocht. De angst dat het kasteel een bedevaartoord voor (neo)nazi’s wordt, overheerst bij de openbare rondleidingen die het huidige museum geeft. Aan de andere kant wil men de slachtoffers niet vergeten en de jongere generaties waarschuwen tegen totalitarisme, onverdraagzaamheid, wreedheid en fascisme. Dat is de spagaat waarin Duitsland constant zit. Van Roekel registreerde hoe de dorpsomgeving langzaam het gruwelijke verleden onder ogen leerde zien. De laatste keer werden de SS-ers betiteld als ‘apocalyptische strijders’ die zichzelf positioneerden als voorvechters in de ‘eindstrijd’ van het goede tegen het kwaad, waarin letterlijk álles geoorloofd was. Dus ook terreur en massamoord.

 

Uitgave: Spectrum – 2023, 224 blz., ISBN 978 900 038 662 8   26,99

Rechtstreeks bestellen bij bol: klik hier 

Geen opmerkingen :

Een reactie posten